Ik heb een verlangen. En dat verlangen moet eruit. Onderdrukken heeft geen zin meer. Ik barst bijna uit elkaar.
Voor ik met je deel wat dat verlangen is, neem ik je eerst mee naar de basis: mijn jeugd. Daar waar mijn verlangen gestalte kreeg. Hoe hard ik ook mijn best deed, hoe ik me steeds aanpaste als een kameleon aan zijn omgeving, hoe lief ik als klein jochie ook was: het was nooit goed genoeg.
Vallen, opstaan en je broek afkloppen: dat was er niet bij. Mezelf zijn, wie ik echt ben, mijn ware ik laten zien: dat mocht niet. Kon niet. Bestond niet. En daar ben ik iemand geworden die ik niet wilde zijn.
Laat ik voorop stellen: ik geef niemand de schuld en ik ben ook niet zielig. Soms gebeuren er dingen en daar moet je het maar mee doen. En het heeft me gevormd. Gemaakt tot wie ik nu ben. En die ik van nu omarmt het verleden, met al zijn roestige patronen, ongeziene inzet en opgelegde verwachtingen.
Dat verlangen zit diep. Heel diep. Zo diep dat ik er soms eenzaam door ben. Een soort eenzaamheid die niemand echt lijkt te begrijpen, hoe ze ook hun best doen. En toch overvalt mij die eenzaamheid op momenten ineens. Uit het niets. Als een mokerslag die mijn fundament aan diggelen slaat.
Ik verlang naar waardering.
Waardering voor wie ik ben. Waardering in de vorm van vertrouwen. Maar vooral waardering voor het nemen van initiatief. Ik wil het graag goed doen. Vooral voor een ander. En nee, niet voor geld. Ik wil juist voelen waar de wederkerigheid tussen ons, als mensen, zit. Daar komt ook mijn drive voor durf te delen vandaan. Waarom zou je alle kennis en ideeen voor jezelf bewaren? Daar heeft de wereld niets aan.
De dwarsdenker, toekomstverkenner en alwetende verteller in mij neemt graag het voortouw. Zo bedenk ik steeds weer nieuwe invalshoeken. Neem ik beslissingen die een ander niet durft te nemen. Bewandel ik wegen die nog ongeplaveid zijn. Vraag me niet hoe of waarom ik die besluiten neem: ik neem ze gewoon.
Omdat ik het graag goed wil doen, probeer ik met alles wat in mijn macht ligt uit te leggen waarom ik doe wat ik doe. En daar gaat het mis. Het lukt me niet. Domweg omdat ik het niet kan uitleggen. Het is een onderbuikgevoel. En niet begrepen, nee, niet geloofd worden, is verrekte eenzaam.
Inmiddels heb ik geaccepteerd dat die eenzaamheid erbij hoort. Het is een onderdeel van wie ik ben. En werkt, gek genoeg, ook als een katalysator om opnieuw te beginnen. Het net even anders te doen.
Met NaMorgen luiden wij
dat nieuwe tijdperk in.
Het is mijn missie om een toekomst te creeren die aansluit bij de snel veranderende wereld waarin wij leven. De brug te slaan tussen de uitdaging van vandaag en de kans van morgen. In verbinding te staan met gelijkgestemden, en het gevoel te hebben dat mijn bijdrage echt verschil maakt.
En die toekomst creeer ik niet alleen, dat doen we samen. Ik wil mensen in beweging brengen tot verandering, niet alleen laten praten over verandering. Ik werk puur en alleen op basis van vertrouwen, gelijkwaardigheid en de bereidheid om echt te veranderen.
En zo kom ik weer terug bij mijn doel hier op aarde: ik wil delen in mijn geluk, maar ook in mijn eenzaamheid. Ik wil mensen met elkaar verbinden. Delen dat het leven vooral draait om elkaar zien, elkaar vertrouwen en elkaar geloven. Het enige wat ik daarvoor terugverwacht, is oprechte waardering.
